Gratis patroon

Weefpatroon

Kerstboom

Benodigdheden:
– dik garen /wol ; de hoeveelheid hangt af van de maat van je kegelvorm
– kegelvorm van piepschuim of stevig karton
– papier (groot genoeg om rond de kegelvorm te passen)
– potlood/pen, schaar, spelden & meetlint
– Peg Loom (te koop of te huur bij G&M Peg Looms Beltrum)

Werkwijze

Maak van het papier een patroon.
Dat doe je door het papier strak om de kegel te rollen en deze gelijk te maken aan de onder- en bovenkant.
Vervolgens teken je een rechte lijn van boven naar beneden en knip je het papier op deze lijn op maat. Als het goed is heb je nu een waaiervormig papieren patroon.
Deze vouw je in de lengte in drie gelijke parten en je knipt ze op de vouwlijn los van elkaar.
Meer partjes kan ook als je het leuker vindt om meer franjes in het boompje te krijgen.
(Of aan één stuk laten als je een “strakke look” wilt, zonder franjes.)
Nu heb je drie langwerpige driehoeken. Dit zijn de vormen die we gaan weven.

Kettingdraden

Leg de papieren driehoek horizontaal op je Peg Loom, zodat je de brede kant links en de punt rechts hebt. Zo kun je zien hoeveel stokjes je in je Peg Loom moet zetten.
Meet de hoogte van de brede kant van je patroon en tel daar ongeveer 12 cm bij op.
Dit getal vermenigvuldig je met twee, omdat we een dubbele kettingdraad nodig hebben.
( bij mij was de hoogte van mijn patroon 12 cm + 12 cm extra voor het afbinden x 2 = 48)
Knip zoveel kettingdraden als het aantal stokjes dat je gaat gebruiken en rijg ze door het gaatje van de stokjes.
(Om garen te besparen kun je de kettingdraden korter maken naarmate je patroon smaller wordt, maar persoonlijk vind ik dat wel wat onhandiger tijdens het weven.)
Na het inrijgen zet je de stokjes in de Peg Loom..

Driehoeken weven

Om de driehoekige vorm te weven gaan we steken“meerderen” en “minderen” tijdens het weven. Per hoeveel steken je gaat meerderen ligt aan de scherpte van je patroon-driehoek.
(Je patroon achter de stokjes houden, zodat je de schuinte van de lijn ziet kan hierbij helpen.)
Bij mijn kegelvorm gaf het meerderen per vier steken de juiste scherpte.
Dus ik begon met één steek. De regel daarna weefde ik vier steken. De regel daarna weefde ik acht steken, daarna twaalf etc. tot ik het laatste stokje stokje ook meeweefde.
De regel daarna ging ik minderen. Dus weer per dezelfde aantallen steken minderen tot één.
Op deze manier krijg je een driehoekige lap die ongeveer dezelfde vorm heeft als je papieren patroon. Ik zeg “ongeveer”, omdat het niet op de millimeter nauwkeurig hoeft te zijn.
Wanneer je op het laatst alle lapjes met elkaar gaat verbinden om de kegelvorm heen, dan kun je de kettingdraden om de kegelvorm heen strak trekken, zodat de driehoeken in vorm komen.
Let er wel op dat je geweven driehoeken niet kleiner zijn dan je papieren driehoek, anders krijg je lege plekken in de kerstboom.
Je eerste driehoek is nu klaar en je kunt de kettingdraden losknippen van de stokjes.
Zorg er voor dat er evenveel kettingdraad aan de onderkant en bovenkant van je weefsel uitsteekt, zodat je straks met het verbinden van de lapjes overal voldoende draad hebt om het vast te kunnen knopen. Ook je franjes worden op deze manier mooier en gelijkmatiger.
Herhaal deze stappen voor alle driehoeken die je nodig hebt voor jouw kegelvorm.

In elkaar zetten

Als je alle lapjes hebt geweven, dan kun je ze op je papieren patroon voorzichtig alvast een beetje in de juiste vorm brengen.
Zet de kegel voor je neer en speld de punt van je eerste driehoek aan de punt van de kegel.
De punt van het weefsel mag ietsje boven de kegel uitsteken, want het weefsel komt als een hoesje om de kegel heen.
Speld nu het weefsel in het midden in een rechte lijn naar beneden.
Je weefsel is waarschijnlijk iets langer dan je kegelvorm en kan daardoor onderaan om de randen van de kegelvorm getrokken worden.
Speld alle parten op deze manier gelijkmatig op de kegel vast; zo heb je daarna je beide handen vrij om te knopen.

Nu kunnen alle kettingdraden tussen de lapjes samengeknoopt worden.
Om overzicht te houden (en niet per ongeluk de verkeerde kettingdraden aan elkaar te knopen)
is het handig om eerst de draden van de onder-en bovenkant te knopen en vervolgens
de kettingdraden op de punten waar je gemeerderd/geminderd hebt, zodat je weet dat je in alle driehoeken de draden uit dezelfde weefregel te pakken hebt.
Als je dat moeilijk te herkennen vindt, dan is weefregels tellen ook een mogelijkheid.
Wees voorzichtig met het aantrekken van de kettingdraden tijdens het knoppen!
Als je te hard trekt kun je per ongeluk de kettingdraad uit het weefsel trekken, als deze aan de andere kant nog niet vastgeknoopt is.
Als alle draden eenmaal geknoopt zijn, dan kun je alle knoopjes nog eens extra aantrekken.
Verdeel je weefsel mooi en gelijkmatig over de kegelvorm en knip alle franjes af op de lengte die je mooi vind. Voor een fluffy effect kun je de franjes ook nog uitpluizen en kammen.

We wensen jullie heel veel weefplezier en hele fijne feestdagen!

Vriendelijke groeten,
Guido en Monique
G&M Peg Looms Beltrum